Tot 10 keer (!) sneller leren…

…door de swing in stukjes te knippen

Zo slijp je aan een superswingJe leersnelheid verveelvoudigen, zodat je de tijd op de driving range optimaal benut en met rasse schreden vooruitgaat. Het is alléén mogelijk als je oefent met een compleet concept van de swing in je hoofd. Zo’n ‘grid’ was dan ook zo’n beetje het eerste waar ik (Reinoud Eleveld, medegrondlegger van Golfgeheimen) werk van maakte toen ik zeven jaar terug begon met golfen. Samen met PGA pro Peter Ackerley deelde ik de golfswing op in twaalf verschillende taartpuntjes. Vier bewegingen in de backswing, vier stuks in de downswing en nog eens vier na het raken van de bal. Het lijkt misschien een heleboel om te moeten onthouden, maar in de praktijk valt dat reuze mee. Bovendien: tenzij je er geen moeite mee hebt om tergend langzaam vooruit te gaan en veel te vroeg en volledig onnodig te stagneren in jouw swing-ontwikkeling, heb je in feite geen andere keuze.

Nieuwsgierig naar de twaalf bewegingen waaruit de golfswing is opgebouwd?

Bestel dan nu de dvd ‘Zo slijp je aan een superswing’

Eerst wat beter begrijpen waarom het zo verstandig is om te leren werken met de 12 bewegingen van de basisswing? Hieronder vind je 3 redenen:

1. Zonder begrip leer je langzamer

Het volwassen brein werkt zó, dat je een beweging alleen effectief aan kunt leren als je hem begrijpt. (Dit in tegenstelling tot kids en jongvolwassenen, die het beste leren door te kijken en na te doen). Het gedachteloos opvolgen van de instructies van jouw pro heeft dus bar weinig zin omdat je niet of nauwelijks snapt wat je doet en waarom. Je golfswing bouwen op een onoverzichtelijk raamwerk van allerlei vage tips & tricks is niet alleen weinig vruchtbaar, het maakt jou ook te veel afhankelijk van een pro; niet voor niets dat maar weinig golfers geregeld zelfstandig oefenen. Het tegenovergestelde gebeurt als je een compleet concept van de golfswing op je netvlies brandt: omdat je nu donders goed begrijpt hoe het zit met de som en diens (twaalf) delen kun je – in plaats van ‘maar wat te doen’ – heel gericht en relatief zelfstandig slijpen aan jouw swing.

Meeuwis (handicap 15.8) over de Twaalf Bewegingen: ‘Ik kan nu veel meer gestructureerd werken aan mijn swing. Als ik terugkijk naar de manier waarop ik vroeger leste en trainde, dan heb ik al die tijd echt maar wat aan zitten rommelen. Pro’s hebben me wel gezegd ‘je moet een beetje dit’ of ‘je moet een beetje dat’, maar wat is dan dat ‘beetje’, en waarom moet ik dat doen? Nu weet en begrijp ik echt wat de bedoeling is en dat heeft zo veel voordelen, dat ik dit iedereen aanraad.’

Mariëtte de Groot
(Beeld uit de dvd: ‘Iron Shirt of Golf’-pro Mariëtte de Groot legt de Derde Beweging uit)

2. Golfswing wordt reflex

Het is de droom van elke golfer (en waarschijnlijk ook die van jou): een automatische, gedachteloze swing waar je altijd op kunt vertrouwen. Of, met andere woorden: een reflexmatige golfbeweging. Natuurlijk, dat kun je bereiken door gewoon héél veel te golfen – na 300.000 ballen hoeft niemand meer na te denken over z’n swing. Maar het kan een stuk efficiënter, als je tenminste weet hoe onze hersenstam functioneert. Want dat is in ons brein de plek van de aangeleerde reflexen.

De gemene deler van alle reflexen is dat het ‘rechtlijnige’ spierbewegingen zijn. Een hand op een gloeiend hete kachel verwijder je niet met een zwierige geste, maar trek je omhoog in een kaarsrechte lijn. Om de hersenstam te benutten c.q. om van de golfswing een aangeleerde reflex te maken, moet je dus ‘rechtlijnig’ gaan trainen. Of, anders gezegd, je moet de golfswing benaderen als een opeenvolgend geheel van lineaire spierbewegingen.

Nu begrijp je waarom ik de swing heb opgedeeld in twaalf stukjes, en niet in acht, of elf, of dertien: toen Peter en ik met deze blik de correcte basisswing gingen bekijken, bleek het aantal lineaire spierbewegingen in de golfswing twaalf te zijn. Door elk van deze bewegingen zorgvuldig te oefenen, leg je in jouw hersenstam een serie reflexen aan die samen de onwankelbare basis zullen vormen van jouw reflexmatige swing.

Gert Jan Markus geeft les
(Beeld uit de dvd: ‘Iron Shirt of Golf’-pro Gert Jan Markus licht de Zesde Beweging toe.)

3. Meer myeline

Elke swing die we maken komt voort uit een elektrisch signaal dat in onze hersenen door een keten van neuronen stroomt. De kwaliteit van zo’n ‘neuronennetwerk’ – en dus van de beweging – neemt toe naarmate er méér myeline om de neuronen heen zit. Dit stofje fungeert namelijk als een soort isolatiemateriaal, en hoe beter geïsoleerd het neuronennetwerk is, des te krachtiger, sneller en accurater het elektrische stroompje – en daarmee de bijbehorende beweging – wordt. Met andere woorden: hoe meer myeline, hoe stabieler en nauwkeuriger je swing.

Wat heeft recent wetenschappelijk onderzoek nou uitgewezen? Dat de productie van myeline significant wordt gestimuleerd door éérst de gewenste beweging als geheel in je op te nemen (‘absorbing the whole thing’) en hem daarna op te breken in kleine stukjes (‘breaking it into chunks’). Deze manier van trainen kan jouw leersnelheid, aldus Daniel Coyle in zijn boek The Talent Code (een aanrader!), maar liefst met een factor tien vergroten, hetgeen nogmaals onderstreept hoe de Twaalf Bewegingen jouw ontwikkeling als golfer in een stroomversnelling kunnen brengen.

Bestel nu de dvd ‘Zo slijp je aan een superswing’

 

Sluit Menu
×

Winkelmand