Zo train je zelfvertrouwen op de green

(instructievideo onder deze tekst)

Het klinkt misschien wat wonderlijk, maar zelfvertrouwen trainen vraagt om het stellen van onmisbare doelen.

Immers: door doelen te stellen die zo realistisch zijn dat je ze niet KUNT missen, haal je je doelen ALTIJD – en je eigen doelen halen, telkens weer succes beleven, is de sleutel tot een snel groeiend zelfvertrouwen.

Verwachtingen, teleurstelling en onzekerheid

Wij golfers doen echter het tegenovergestelde: we verwachten consequent veel te veel van onszelf. Ligt de bal op twee meter dan willen we hem uitholen, ligt de bal op twintig meter dan moet-ie eindigen vlakbij de hole.

Maar is het reëel om te verwachten dat we een putt van twee meter maken? Of een putt van twintig meter naast de hole laten eindigen? Natuurlijk, het KAN, maar het kan net zo goed NIET! Zelfs de beste pro’s missen een putt van twee meter geregeld en maken vanaf twintig meter echt wel eens een drie-putt.

Verwachten we meer van onszelf dan we kunnen, dan ervaren we elke ‘misser’ als een kleine teleurstelling en al die teleurstellingen bij elkaar maken ons langzaamaan onzeker. Hierdoor gaan we nog slechter putten, en in de vorm van 3-putts en eenvoudige missers incasseren we vervolgens alleen maar meer teleurstellingen.

(De absolute bodem van deze neerwaartse spiraal zijn de zogenaamde ‘yips’, waarbij je niet langer ‘onzeker’ bent, maar regelrecht ‘bang’, en je tijdens het putten gaat trillen; er zijn heel wat golfers die hun golfcarrière vanwege dit fenomeen hebben moeten beëindigen.)

Sleutel tot het gericht ontwikkelen van zelfvertrouwen is dus het stellen van doelen die zó reëel zijn, dat je ze altijd haalt en het resultaat nooit kan tegenvallen. Alleen zo wordt de green geen plek van teleurstelling, maar een plek van succes.

Hoe je dat het beste aanpakt? Door op de green een aantal verschillende zones te definiëren en daaraan je doelen te koppelen.

Het definiëren van de zones

De meeste greens zul je indelen in drie verschillende zones:

  • De eerste zone is dat gebied rondom de hole van waaruit je zeker weet dat je de bal er 99 van de 100 keer in krijgt. Dus: tot welke afstand van de hole ben je vol zelfvertrouwen dat je de bal uitholet? Dáár ligt de grens van de eerste zone. NB: deze eerste zone is waarschijnlijk klein! De grens van mijn eerste zone (en ik ben een goede putter) ligt zo’n 70 centimeter van de hole.
  • De tweede zone is dat gebied rond de eerste zone van waaruit je zeker weet dat je de bal 99 van de 100 keer in de eerste zone krijgt. (De grens van mijn tweede zone ligt ongeveer 4 meter van de grens van de eerste zone.)
  • De derde zone is dat gebied rond de tweede zone van waaruit je zeker weet dat je de bal 99 van de 100 keer in de tweede zone krijgt. (Mijn derde zone is vrijwel altijd gewoon de rest van de green, oftewel dat deel van de green dat géén onderdeel van de eerste en tweede zone is.)

NB: mochten er plekken op de green zijn van waaruit je niet zeker bent dat je de bal 99 van de 100 keer in de tweede zone krijgt, dan vormen die delen van de green de vierde zone, etcetera.

Het werken met de zones

Stel nu dat je in de tweede zone ligt, dan weet je twee dingen:

  • Vanaf hier krijg je de bal NIET 99 van de 100 keer in de hole, dus het is NIET reëel dat van jezelf te verwachten.
  • Vanaf hier krijg je de bal WEL 99 van de 100 keer in de eerste zone.

De kunst is dus nu om NIET de hole en WEL de eerste zone als doel te nemen. Ja, je doel is dus NIET om de bal uit te holen: ‘m in de eerste zone leggen is goed genoeg. En als je de zones realistisch hebt gedefinieerd (en je jezelf daarbij dus niet hebt overschat!), dan wéét je al vóór je putt dat je die doelstelling moeiteloos gaat halen.

Wat er nu gebeurt is heel interessant: deze wetenschap geeft je zoveel zelfvertrouwen en ontspanning, dat je de kans aanzienlijk vergroot dat je de bal toch in de hole slaat.

Als dat inderdaad gebeurt, ervaar je dat als een bonus. En als dat niet gebeurt, dan is er niets aan de hand en ervaar je geen teleurstelling, want je hebt je doel gehaald. In beide gevallen groeit je zelfvertrouwen en zul je de volgende putt nog zekerder benaderen.

NB: dit werkt natuurlijk alleen als je zowel voorafgaand als na afloop van de putt écht tevreden bent met het opschuiven van één zone – óók als dat betekent dat je je putt van twee meter niet uitholet en dat je putt van twintig meter eindigt op drie meter van de hole!

Als je zo gaat trainen en spelen zul je snel genoeg merken dat deze manier van putten een echte ‘faith’-machine is; een meer effectieve manier om op de green een rotsvast zelfvertrouwen te ontwikkelen – en dus om steeds beter te leren putten! – is er gewoonweg niet. Train ze en doe er je voordeel mee!

Masterclass Putting Fundamentals

Voorafgaand aan een putt jezelf een onmisbaar doel stellen door middel van de zones is één van in totaal acht Putting Fundamentals die ten grondslag liggen aan fantastisch leren putten. Fundamentals die je leert als je meedoet aan de Masterclass Putting Fundamentals. Deze zomer heb je twee opties: op vrijdag 20 juli te BurgGolf Purmerend en op zaterdag 15 september op Golfclub Zeewolde. Via onderstaande knoppen vind je meer informatie en kun je je plekje claimen.

 

Sluit Menu
×

Winkelmand